• Bert Vos/Gemeente Ede

'Voor mensen werken is het mooiste wat er is'

EDE Gerrie Ligtelijn-Bruins krijgt door haar vertrek als wethouder in Ede weer tijd voor het Oerolfestival, het jaarlijks terugkerend evenement op Terschelling in de maand juni. ,,Ik had daar ook dit jaar graag heen gewild. Dat lukt net niet omdat ik oppasdienst heb. Volgend jaar ga ik daar zeker weer naar toe. Voordat ik wethouder werd ging ik elk jaar. Mijn zoon is dramaturg, schrijver en dat soort dingen. Het zit wel een beetje in het bloed. Heerlijk, lekker vrijheid. In de natuur van kunst genieten, is hartstikke leuk."

Jan de Boer

De 65-jarige Edese is zesenhalf jaar wethouder geweest namens GemeenteBelangen. Zij volgde Hélène Hullegie op, die tussentijds aftrad als wethouder. De komst van Ligtelijn was verrassend omdat zij bekend stond als D66'er. ,,Ik was slapend lid van D66. Omdat ik directeur van hotel Belmont in Lunteren was, had ik nooit tijd voor de politiek. Ik volgde de politiek wel. Toen ik werd gevraagd om wethouder te worden heb ik de twee partijprogramma's naast elkaar gelegd. Omdat ik de programma's gemakkelijk in elkaar kon passen, heb ik het wethouderschap geaccepteerd." 

Vanuit het Leger des Heils was ze gewend om te werken met 'mensen die sterretjes gezien hebben in plaats van sterretjes hebben uitgedeeld'. In Ede kwam Ligtelijn niet in een gespreid bedje. ,, De decentralisatie van het sociaal domein begon net. Het is in samenwerking met alle organisaties gelukt een geweldig product te maken. Zo hebben we dat aangevlogen. Iedereen riep dat de decentralisatie gewoon een platte bezuinigingsronde van het rijk was. Het is een heel groot werk geweest en dat is het nog."

Een half jaar voordat zij wethouder werd, ging Gerrie Ligtelijn in de vut. ,,Ik ben toen voor mezelf begonnen, want ik had nog genoeg puf. In de seniorenflat Valkenburg in Oosterbeek heb ik wat gereorganiseerd. Toen ik daar eigenlijk mee klaar was, kwam de vraag om wethouder te worden. Dat had ik niet verwacht, maar met het Leger des Heils en bedrijfskunde als achtergrond, en ik ben pedagoge van origine, is het hartstikke mooi om je carrière met het wethouderschap af te sluiten."

Ligtelijn voelde zich als een vis in het water in de portefeuille die zij overnam. ,,Het sociaal domein is mijn domein," zegt de sociaal bewogen Edese. ,,Als wethouder heb ik zesenhalf jaar een heerlijke tijd gehad. Voor mensen werken is het mooiste wat er is. Ik ben een mensen mens, maar ik ben ook iemand die graag organiseert, nieuwe dingen ontwikkeld en een innovator. In de portefeuille, die ik had, kon ik mij helemaal kwijt. De mens staat bij mij centraal. We kunnen als gemeente van alles aanbieden. 

De mens moet het wel kunnen gebruiken. Dat we het goed gedaan hebben, blijkt ook uit het feit dat we als Ede in 2015 Gouden gemeente zijn geworden. Dat betekent dat we toen al in samenwerking met de organisaties een systeem hebben opgezet, waarmee we de toekomst mee in kunnen. Ik geloof niet dat je er dan al bent. Mensen ontwikkelen zich, het sociaal domein zal zich ook blijven ontwikkelen." 

In het begin werd er volgens Ligtelijn gezegd dat alle buurvrouwen beschikbaar en bij de hand moeten zijn. ,,En elastieke kousen voor de buren aantrekken. Dat is werk voor professionals. Het is wel heel normaal om naar elkaar om te zien. Dat doe ik ook. Iemand die alleen maar aan het stuur van een helikopter zit en niet weet waar hij naar toestuurt, weet niet precies wat ie doet. Ik heb ook altijd huisbezoeken gedaan. Dat is mijn stijl van wethouder zijn. Ik ben nog mantelzorger voor mijn schoonmoeder en voor een gehandicapte pleegzoon. Bij mij is dat er ingepompt, mijn ouders hadden dezelfde instelling. 'De mensen zijn godsbelangijk' zei mijn vader altijd. Denk erom dat de ander net zo
belangrijk is als jij."

Hulp aan nog thuiswonende ouderen is van belang, vindt Gerrie Ligtelijn. ,,Als je bij iemand het huis onderhoudt, is dat niet voor niks. Die iemand is of oud of heeft een handicap. Dan kijk je eerst naar wat de mens nog zelf kan. Als het een goede gesprekspartner is, bespreek je alles met ze. Zo iemand houdt niet alleen het huis schoon, moet ook alert zijn en moet signalen doorgeven als er iets fout blijkt te gaan. Dan ga je niet klikken over mensen, maar zegt 'ik zie dat er moeilijkheden zijn en mag ik dat doorgeven'. Dat kan het rechtstreeks aan organisaties of aan de gemeente worden doorgegeven. Als dat goed gaat lopen, zullen we nog meer de opgang krijgen van het juiste product voor de juiste mensen." 

,,Ik ben er heel blij mee, dat het niet meer zo is dat precies beschreven is van wat je mag laten doen. Als je in een rolstoel zit en je wilt nog graag overal stoffen, mag je nu vragen 'als ik op mijn manier stof, wil je dan bijvoorbeeld een keer mijn tuinameublement schoonmaken'. Er is gelijkwaardigheid gekomen in de wijze waarop degene die de dienst verleent en degene die de dienst vraagt met elkaar omgaan. Dat kan natuurlijk nog beter. En als we dat nog beter doen, kunnen we nog verder van de echte professionele hulp afkomen. De signalen moeten goed doorkomen. Degene die vroeger het matje kwam stoffen en de vloer kwam doen, moet nu ook denken 'is hier meer aan de hand'. Zij hebben ook die opdracht. Dat hebben we met de organisaties over gesproken. De betalingen zijn gelijk getrokken zodat iedereen verantwoordelijk is om dit soort dingen door te geven. Dat moeten de mensen leren en daar moeten we ze even de tijd voor geven. Maar volgend jaar moet het wel voor elkaar zijn."

Eind zestiger jaren kwamen de bejaardentehuizen. Alles werd voor de bejaarden geregeld. De mensen waren wat afhankelijker. In deze tijd is er heel wat veranderd. ,,Nu zijn er echt mensen van drieëntachtig jaar oud die blij zijn dat zij thuis mogen wonen. Je moet alles zo geregeld hebben, dat je - zo lang het verantwoord blijft - alles thuis kan krijgen wat je anders in het verzorgingstehuis hebt. Mensen gaan pas naar het verpleegtehuis als het einde dichtbij is. Als de tijd daarvoor goed geregeld is en mensen niet doodgaan van de eenzaamheid moeten we daar onze kracht opzetten. En die mensen thuis goed verzorgen."